Je bekijkt nu Eerste Kamer stemt in met in één keer deel van pensioen opnemen

Eerste Kamer stemt in met in één keer deel van pensioen opnemen

Werknemers, die pensioen opbouwen via hun werkgever, krijgen vanaf 1 januari 2029 de mogelijkheid om bij hun pensionering eenmalig een geldbedrag op te nemen uit hun pensioenpot. Dit keuzerecht, bekend als 'bedrag ineens', stelt hen in staat om maximaal 10 procent van hun pensioen in één keer op te nemen. Mensen kunnen zelf bepalen waaraan dit bedrag wordt besteed. Voorbeelden hiervan zijn het aflossen van een hypotheek of andere schuld, het boeken van een reis, een woningverbouwing of het regelen van verpleging of verzorging. Een belangrijke consequentie van deze keuze is dat het maandelijkse pensioen na de opname lager uitvalt.

Inwerkingtreding en achtergrond

De invoering van het keuzerecht is vastgesteld op 1 januari 2029. Oorspronkelijk stond de inwerkingtreding gepland voor 1 juli 2026, maar dit bleek onhaalbaar voor de uitvoering door de pensioensector. Pensioenuitvoerders gaven de voorkeur aan een invoering na de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel. De Eerste Kamer stemde in 2021 al in met een eerder wetsvoorstel, waarna aanpassingen leidden tot de huidige Wet Herziening bedrag ineens.

Gevolgen en rekentool

Het opnemen van een bedrag ineens kan financiële gevolgen hebben, met name voor toeslagen en belastingen. Zo kan het voorkomen dat mensen in het jaar van opname minder of zelfs geen huur- of zorgtoeslag ontvangen. Om mensen te ondersteunen bij het maken van een weloverwogen beslissing, werkt het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid samen met het Nibud aan een speciale rekentool. Deze gratis tool, die beschikbaar komt voordat de wet ingaat, geeft op een eenvoudige manier inzicht in de gevolgen van een opname voor de persoonlijke financiële situatie.

Bron: Overig | wetswijziging | 36.154 | 15-06-2026