De staatssecretaris van Financiën heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over het Vervolgonderzoek evaluatie gebruikelijkloonregeling. Het onderzoek bevestigt dat de regeling grotendeels doelmatig is, aangezien de kosten ruimschoots worden overstegen door de opbrengsten. Echter, verbetering is nodig. Er liggen uitdagingen in het nauwkeurig vaststellen van het gebruikelijk loon, deels door het ontbreken van eenduidige informatie en handhaving. Het kabinet onderzoekt daarom de haalbaarheid van een uniforme waarderingsmethode en start een data-analyse om beter inzicht te krijgen in de toepassing van de regeling.
De huidige normbedragstructuur blijft gehandhaafd. De onderzoekers stellen alternatieven voor, zoals een generieke verhoging of differentiatie van het normbedrag op basis van de loonsom, maar het kabinet acht deze niet doeltreffend of doelmatig. Een verhoging kan leiden tot meer bureaucratie en discussies, terwijl differentiatie weinig verbetert voor de groep directeuren-grootaandeelhouders met kleine ondernemingen. Om deze redenen worden deze opties niet verder uitgewerkt.
Uiteindelijk ligt de focus op het verbeteren van informatievoorziening en handhaving. Het kabinet richt zich op methodische verbeteringen, zoals het haalbaarheidsonderzoek naar functiewaardering, zodat het voor zowel dga’s als de Belastingdienst eenvoudiger wordt om het gebruikelijk loon correct vast te stellen en naleving van de regeling te waarborgen.