De kantonrechter in Dordrecht oordeelt dat een medewerker die langer dan twee jaar arbeidsongeschikt is geen vakantie meer opbouwt. Deze uitspraak is in juridisch opzicht opvallend, omdat de kantonrechter in Arnhem in augustus 2025 wel een werkgever veroordeelde om vakantiedagen uit te betalen, die waren opgebouwd tijdens een slapend dienstverband.
De kantonrechter Groningen kwam in december 2025 tot een tegenovergesteld oordeel: geen opbouw vakantiedagen tijdens slapend dienstverband. De kantonrechter in Dordrecht doet nu een soortgelijke uitspraak als die in Groningen.
Ook de kantonrechter Rotterdam deed eerder een uitspraak in dezelfde lijn. De kantonrechter overweegt dat werknemers met een slapend dienstverband een WIA-uitkering of WW-uitkering ontvangen, waarin recht bestaat op vakantiedagen met behoud van uitkering. Als de werknemer in dezelfde periode ook nog betaalde vakantiedagen bij de werkgever zou opbouwen, dan is dat dus dubbelop.
Wat speelde er?
Een man werkt voor een groothandel als hij arbeidsongeschikt raakt. Twee jaar later krijgt hij een WIA-uitkering. Vanaf dat moment is er sprake van een zogenoemd slapend dienstverband. Hij is langer dan 104 weken arbeidsongeschikt en het staat vast dat hij niet meer aan het werk kan voor het bedrijf. De werkgever hoeft geen loon meer te betalen. De man vraagt meerdere keren om ontslag met de wettelijke ontslagvergoeding, maar zijn werkgever verleent geen medewerking. De man start vervolgens een procedure bij de kantonrechter, vraagt om ontslag, een transitievergoeding en opgebouwde vakantiedagen en vakantietoeslag.
Vakantiedagen
Het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat alleen vakantiedagen worden opgebouwd over de periode waarin een werknemer recht heeft op loon, in dit geval dus tot oktober 2024. Deze bepaling moet buiten beschouwing worden gelaten, betoogt de werknemer. Hij beroept zich op Europese regelgeving. De werknemer vraagt om uitbetaling van in totaal 312 niet opgenomen uren vakantie. Daarvan zijn er 152 opgebouwd voordat hij 104 weken ziek was. Daarnaast stelt de man dat er 160 vakantie-uren zijn opgebouwd in de periode dat zijn dienstverband slapend was en hij een WIA-uitkering ontving.
Beslissing rechter
De kantonrechter gaat niet mee in het beroep op Europese regelgeving. Vakantiedagen zijn bedoeld om werknemers in staat te stellen om uit te rusten en te herstellen van werk en weer op krachten te komen. De werknemer met een slapend dienstverband heeft geen werk om van te herstellen, omdat hij niet meer hoeft te werken. Bovendien heeft de werknemer al recht op betaalde vakantie, omdat hij een WIA-uitkering ontvangt. De rechter wijst het verzoek om uitbetaling van de 160 uren vakantie daarom af. De tot oktober 2024 opgebouwde vakantiedagen moeten wel worden uitbetaald. Ook ontbindt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst en krijgt de werknemer een ontslagvergoeding.