Je bekijkt nu Brandweermanarrest geen nieuwe jurisprudentie

Brandweermanarrest geen nieuwe jurisprudentie

Na het Brandweermanarrest van de Hoge Raad uit 2022 vraagt een man om ambtshalve vermindering van zijn aanslag over 2020. De inspecteur wijst dit verzoek af. Volgens de inspecteur is het Brandweermanarrest nieuwe jurisprudentie die is gewezen nadat de aanslag onherroepelijk vaststond. Dat zou ambtshalve vermindering in de weg staan.

Verduidelijking

Het hof vergelijkt het Brandweermanarrest met het eerdere Smeerkuilarrest uit 1983. Het hof stelt vast dat het Brandweermanarrest de hoofdregel van het Smeerkuilarrest herhaalt en verduidelijkt. Het Brandweermanarrest vormt daarom geen nieuwe jurisprudentie. De inspecteur erkent dat de werkgever niet meer heeft uitgekeerd dan uit zijn aansprakelijkheid voortvloeit en dat de vergoeding geen belastbaar loon is. 

Smeerkuilarrest vs Brandweermanarrest

In het Smeerkuilarrest oordeelde de Hoge Raad dat vergoedingen van een werkgever voor immateriële schade en verlies aan arbeidskracht in principe geen loon zijn. Dit geldt tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals specifieke afspraken in de arbeidsovereenkomst. Het Brandweermanarrest herhaalt deze hoofdregel. Het verduidelijkt dat een uitzondering op de hoofdregel alleen geldt als de werkgever een hogere vergoeding betaalt dan wat direct voortvloeit uit zijn aansprakelijkheid.

Bron: Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2026:2777 | 31-08-2026