Je bekijkt nu Stage in Nederland staat 30%-regeling niet in de weg

Stage in Nederland staat 30%-regeling niet in de weg

Een man arriveert in september 2023 in Nederland en start een stage bij een bv. Hij staat ingeschreven als niet-ingezetene en woont bij een vriend. De stage, met een vergoeding van € 500 per maand, is gericht op kennisvergaring voor zijn masteropleiding in data science. In januari 2024 tekent hij een arbeidsovereenkomst als junior data engineer.

Aanwerving uit het buitenland
De rechtbank stelt vast dat de man op het moment van de arbeidsovereenkomst niet in Nederland werkt en geen duurzame band met Nederland heeft. Zijn stage wordt aangemerkt als een opleiding, wat de toepassing van de 30%-regeling niet belemmert. De stagevergoeding is bovendien lager dan het wettelijk minimumloon, wat de aard van de stage als niet-productieve arbeid onderstreept.

Specifieke deskundigheid
Voor de 30%-regeling is een loonnorm van € 46.107 per jaar vereist. Hoewel de arbeidsovereenkomst een lagere vergoeding vermeldt, blijkt uit de loonstroken en een verklaring van de inhoudingsplichtige dat partijen een hogere vergoeding bedoelen. De 30%-regeling gaat in op 1 september 2025 (omdat het verzoek is gedaan in augustus 2025). De periode van verblijf in Nederland van oktober 2023 tot en met augustus 2025 (23 maanden) wordt in mindering gebracht op de maximale looptijd van vijf jaar. De man heeft daardoor recht op de 30%-regeling voor een periode van 37 maanden.

Bron: Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:5589 | 10-05-2026